- bindweefselomhulling
- spierlaag ( glad onwillekeurig )
- bindweefsellaag
- slijmvlies
De organen van het spijsverteringskanaal:- Mond; met de speekselklieren
- Slokdarm
- Sluitspier slokdarm
- Maag
- Lever
- Galblaas
- Alvleesklier
- Dunnedarm
- Dikkedarm
- Endeldarm
- Interstitieel = is een verdeling rondom de cellen in verschillende weefsels
- Intracellulair = houdt in binnen de beslotenheid van de cellen
- Extracelluleir = houdt in dat het zich buiten de cellen begeeft
- Natrium = zit extracelluleir
- Kalium = zit intracellulair
- Vitaminecomplex = een complex dat bestaat uit meerdere op elkaar lijkende stoffen
- A- vitaminose = houdt in dat het zonder vitamine is
- Hypo-vitaminose = een tekort aan vitamines
- Hyper-vitaminose = houdt in dat het een teveel aan vitamine is.
- Vitamines A,D,E,F en K zijn vitamines die oplosbaar zijn in vet
- De belangrijkste spijsvertering organen zijn de lever en de alvleesklier
- Het darmkanaal loopt vanaf de mondholte tot aan de anus
- In de galblaas wordt het gal vanuit de lever opgeslagen en ingedikt
- Door de galkleurstoffen heeft de lever zijn rood / bruine kleur en tevens is de lever de grootste en zwaarste klier van het lichaam


Volg ons via Facebook



