4 februari 2012

Spierstelsel

Het Spierstelsel,

Het spierstelsel is het actieve beweging apparaat van het organisme. In de elementen van het spierweefsel is het vermogen om op uitwendige prikkels te reageren door middel van een contractie ( geringe samentrekken van een spier ) op bijzondere wijze gespecialiseerd. Een spier valt dan ook onder de benoeming orgaan, dat als belangrijkste functie zich samentrekken heeft, waardoor twee delen van het skelet bij elkaar kunnen komen. Hierdoor ontstaat beweging. Om de spier te laten samentrekken is een motorische zenuwprikkel nodig.
Het zenuwstelsel geeft een motorische prikkel af aan een spier om deze in beweging te krijgen, hoewel dit weer een reactie is op een gevoelsprikkel. In z’n algemeenheid gebeurd dit altijd als reactie op inwendige of uitwendige prikkels zoals: pijn-, warmte-, kou-, honger-, dorst-, verwonding- en reukprikkels of psychische prikkels afkomstig van bijvoorbeeld pesten.

Er zijn 3 soorten spierweefsel:

  1. glad spierweefsel
  2. hart spierweefsel
  3. dwarsgestreept spierweefsel

Glad spierweefsel of te wel onwillekeurig spierweefsel is het spierweefsel dat vooral voorkomt bij de organen, die buiten de wil om functioneren. Via fijne zenuwdraden in het spierweefsel komen de zenuwprikkels tot stand die tot samentrekking van de spier leiden. In het bindweefsel dat zich tussen de spier bevindt komen talrijke bloed- en lymfevaten voor. waar je het gladde spierweefsel kunt vinden is onder andere: in het spijsverteringskanaal, de luchtpijp, de bloedvaten, de urineblaas en de baarmoeder.

glad-spierweefsel
Hart spierweefsel is een uitzondering op de regel. Het is een dwarsgestreept spierweefsel wat als glad spierweefsel functioneert. Door het opmerkelijke grote aantal aan haarvaten tussen de spierelementen wordt het gekenmerkt. Hierdoor vertonen de spiercellen van het hart een bepaalde samenhang waardoor de zenuwprikkels snel door alle cellen wordt geleid. Zo is het voor het hart mogelijk om zich als een geheel snel samen te trekken.

hartspierweefsel

Het dwarsgestreepte  spierweefsel kan onder invloed van van de wil samentrekken ( willekeurig spierweefsel ). Het spierweefsel bestaat uit langgerekt spierweefsel. Het dwarsgestreepte spierweefsel bevat veel kernen en protoplasmadraden die in de lengte richting lopen. En ontstaan zijn uit het protoplasma van de cel en die op bepaalde afstanden verdikt zijn. Deze verdikkingen maken een dwarsgestreepte indruk.

img0049dwarsgestreept

De spierweefsels zijn ontstaan uit meerdere cellen. Deze maken protoplasma aan, waaruit de protoplasma draden ontstaan. De contractie van het spierweefsel begint in deze protoplasma draden, welke op hun beurt weer worden aangestuurd door de zenuwprikkels. De spieren bevatten ook een eiwit soort, Myoglobine. Hier uit voort komen myogelosen, in de volksmond ook wel de bekende spierknopen genoemd. De spierweefsels bevatten ook hemoglobine, dit is het eiwit wat voorkomt in ons bloed. Myoglobine en hemoglobine zorgen voor de rode kleur en de bloedeiwitten, samen zorgen ze ook voor de zuurstof in de spieren. De voornaamste warmtebron van ons lichaam tijdens een activiteit zijn toch wel onze spieren. Zij vertegenwoordigen ook 40% van ons lichaamsgewicht en zijn een bepalende factor voor de lichaamsvormen.

Een paar leuk dingen om te onthouden:

  • Spiercel / spiervezel; deze is opgebouwd uit fijne in lengte verlopende fibrillen, die omgeven is door spierplasma en een celmembraam waartegen vele kernen liggen.
  • Een spierfibril ( myofibril ); is een eiwitrijke in de lengte verlopende draad in de spiercel.
  • Spierbundel; zijn meerdere spierweefsels omgeven door een gezamenlijk bindweefselomhulling.
  • Spierbuik; is het dikste gedeelte van een spier tussen de oorsprongspees en de aanhechtingsspier, waarmee de skeletspieren aan het bot zijn gevestigd.
  • Spierschede; is een bindweefselvlies opgebouwd uit fibrillair bindweefsel dat meerdere spierbundels omgeeft. Opgebouwd uit collageen bindweefsel zet het zich aan beide zijden voort als in een stevige bindweefselstreng ofwel pees.
  • Pees / Peesblad; een pees is opgebouwd uit collageen bindweefsel en is een verbindingvorm tussen spier en bot.
  • Peesschede; Dit is een bindweefselkoker die met slijmerig vocht gevuld is en heeft de de functie om de pees op zijn plaats te houden en om de beweging van de pees te vergemakkelijken.
  • Skeletspier; zijn spieren die zowel hun aanhechting als hun oorsprong aan het bot hebben.
  • Huidspier; is een spier die in de huid verloopt.
  • Oorsprong ( origo / spierhoofd ); is de bevestigingsplaats van een spier.
  • Aanhechting ( insertio ); is de aanhechtingsplaats van een spier. Bij aanhechting van een spier wordt de aanhechting altijd naar de oorsprong bewogen.
  • Innervatie; is de overbrenging van een prikkel door een motorische zenuw, waardoor de spier zich kan samentrekken.
  • Synergisten; zijn spieren die bij samentrekking elkaars werking ondersteunen.
  • Antagonisten; zijn spieren die bij samentrekking elkaars werking opheffen.
  • Isometrische spiercontractie; is het zonder van lengte te veranderen spannen van een spier.
  • Isotonische spiercontractie; is het met veranderen van lengte spannen van een spier.

anatomy-spieren

Reacties via Facebook